Productieproces
Om de kwaliteit van rubber te onderzoeken wordt in onderzoekscentra een monster uit de productiebatch gehaald en in een matrijs geperst. Vervolgens dient het monster eerst gevulkaniseerd te worden (bijvoorbeeld volgens de ASTM D 3182 norm), waarna het klaar is om te worden gebruikt voor rekproeven, of voor testen op dichtheid, Mooney viscositeit, as-gehalte, broom- en chloorgehalte.
De platenpersen van Fontijne Presses kunnen worden ingezet voor het maken van PE, PP, PS en ABS-polymeermonsters. Om de fysische eigenschappen van polymeren nauwkeurig te kunnen bepalen zijn immers monsters nodig die onder gecontroleerde omstandigheden- en conform internationale normen worden samengeperst. Naderhand kunnen hiermee dan eigenschappen als treksterkte, buiging en impact worden getest. Bovendien worden geperste polymeermonsters ook gebruikt voor kleurtesten, verwering en XRF-analyse.
De persen van Fontijne Presses worden tevens ingezet voor het onderzoek naar composietmaterialen. Composiet is een materiaal dat is opgebouwd uit meerdere componenten. Vaak worden hiermee vezelversterkte kunststoffen bedoeld zoals glasvezel, aramide, koolstofvezel en nanotubes. Koolstofnanotubes hebben veel interessante eigenschappen waardoor ze geschikt zijn voor een breed scala aan toepassingen onder andere in de nanotechnologie, elektronica, en optica. Glasvezelversterkte constructies worden veel toegepast in de vliegtuig- en scheepsbouw. Denk aan rompen van snelle jachten en vliegtuigen. Het door Fokker geproduceerde Glare, een composiet bestaande uit glasvezel en aluminium, wordt ingezet in de Airbus A380.
Koolstof vezelversterkte constructies hebben een hoge stijfheid en worden onder meer in de Formule 1 ingezet. Ook racefietsen zijn vaak voorzien van deze constructie. Aramideversterkte constructies hebben een hoge slagvastheid en taaiheid en worden toegepast bij kogelwerende vesten en deuren.